Posts tonen met het label Uitzicht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Uitzicht. Alle posts tonen

vrijdag, december 13, 2013

Stad vanaf de vijfde: Optisch bedrogen

Het uitzicht van Frieda's flat klopt niet. Dat had ze meteen in de gaten. De toren van het Stadhuis hoort veel meer naar links te liggen en wat betreft de Nieuwe Rijn: zo scherp is de bocht die de rivier maakt nu ook weer niet.
Om van dat kruispunt dat vijf etages onder haar ligt maar te zwijgen. Dat is een complot. Als Frieda er zelf overheen fietst, is er vrijwel nooit verkeer. Maar als ze vanaf haar balkon naar buiten kijkt, komen er elke minuut wel tien auto's langs. Onzin! Soms zelfs vijf rode achter elkaar.

dinsdag, september 02, 2008

Verhuizen

Zo gaat het niet langer. Als het raam open is, dan is het verkeer voor mijn flat te luidruchtig. Als ik het raam sluit, dan blaast de tocht er een vervelende pieptoon doorheen. En dan heb ik nog niets gezegd over het licht in de badkamer dat het al een jaar niet doet. De boekenkast van Ikea is niet geschikt voor mensen met meer dan tien boeken. Toen ik dat ding drie week in bezit had, bezweken de planken al door het gewicht van mijn Dürrenmatts, Goethes en Heines. Ik moet hier echt weg.

zondag, juni 15, 2008

Turkije - Tsjechië 3-2

Toeterconcert tot 2:00 's nachts. Ook in dat kleine stadje in het stroomgebied van de Rijn wonen veel Turken, merkte Frieda.

zondag, mei 04, 2008

Stad vanaf de vijfde: Uitzicht na Amstetten

Het landschap dat zich voor Frieda's flat uitstrekt is gruwelijk. Frieda zit achter haar raam, op de vijfde etage, en kijkt vol afgrijzen over de tuinen van de villa's. Overal steken tuinhuizen en andere obscene betonnen of bakstenen bouwwerken uit de grond. Walgelijk.

zaterdag, april 05, 2008

Stad vanaf de vijfde: Ik vogelaar

Op mijn vensterbank zit nu al een week een klein, doch opmerkelijk vogeltje. Dinsdag zag ik hem voor het eerst. Ik zat aan mijn bureau achter een stapel boeken, toen ik de blik van twee kraaloogjes in mijn rug voelde priemen. Terwijl ik omkeek zag ik nog net hoe het kleine, opmerkelijke vogeltje over mijn schouder meelas. Sindsdien heeft hij zijn rug naar mij gekeerd en houdt hij vanaf de vijfde verdieping van mijn flat de wacht over de stad.
Wat het kleine vogeltje opmerkelijk maakt is - naast zijn grote gele kuif en zijn paarse bles - zijn nadenkende blik. Er is iets met het vogeltje aan de hand, dat zie je direct. Iets bijzonders. Vanaf mijn balkon heb ik geprobeerd met het beestje in contact te komen. De eerste keer dat ik dat deed, keek hij me met één gefronste wenkbrauw aan. Sindsdien negeert hij mij, als ik me over de balustrade naar hem toe buig. Ik ben nu eenmaal geen goede vogelaar.

zondag, november 25, 2007

Stad vanaf de vijfde: Het regent

Dit is het uitzicht van Frieda's appartement op de vijfde etage. Die lichtjes zijn schepen. Het stormt en door het felle licht dat uit het raam van onze protagoniste schijnt, is de scheepvaart volkomen afgeleid. Alle boten zijn uit hun koers geraakt. Daar komt nog eens bij dat Frieda zich als een sirene op haar balkon heeft begeven. De matrozen zijn buiten zinnen en de kapitein heeft geen macht meer over het roer. Einde der tijden. De hemel huilt.

dinsdag, oktober 02, 2007

Een stad viert feest

Dankzij de watergeuzen eten de Leidenaren hutspot in plaats van paëlla en tapas. En dat viert het stadje aan de Rijn (ongelooflijk trouwens dat van die krachtige rivier die door Keulen dondert zo'n sukkelig stroompje overblijft) al eeuwenlang op twee en drie oktober.
Toen de waterketel floot en er flarden van fanfare de flat van Frieda binnenwaaiden, waande zij zich even in de jaren vijftig. Nog even en de eerste walmen van hutspot, haring, maar vooral zweet, sigarettenrook, alcohol en kots worden door Leiden uitgewasemd. De stad viert feest.

zaterdag, juli 21, 2007

Vlucht naar Splittereiland

De zomer is de achilleshiel van het Nederlandse defensieapparaat. Domweg doordat alle officieren, kolonels en maarschalken dan in hun camouflagepakken tussen vrouw en kinderen aan zonnige costa’s liggen. Dat ving Frieda op uit een analyse van Baron von L.
De zomer is dus een angstige tijd. Maar gelukkig is er een uitvluchtsbasis. Niet ver van Frieda’s torenkamer ligt Splittereiland. Tussen de treurwilgen en de hoge bermgrassen is zij deze zomer beslist veilig. De Amerikanen zullen daar niet komen in hun zoektocht naar vernietigingswapens of lucratieve oliebronnen. Frieda gaat vanmiddag naar de markt om proviand in te slaan.

maandag, juli 16, 2007

Stad vanaf de vijfde: Ik kauw van jou

De kauwen zijn er weer. Ze krassen op het dak en springen vanaf negen uur massaal naar beneden, om in het tegenoverliggende plantsoen in de bomen te overnachten. Frieda opent haar gordijnen om de regen van zwarte vogels te bekijken. Of ze staat op haar balkon en zegt 'kauw kauw', omdat deze beesten makkelijk te temmen zouden zijn - heeft ze gelezen.
Zo'n tamme kauw kan zich echter ontpoppen tot een jaloers beest. Dan valt hij vriendjes aan, als je eindelijk eens gearmd over straat loopt met een hunk. Of vriendinnen worden volgepoept, als zij zich naar Frieda's flat begeven. Frieda's moeder kan niet eens meer langskomen. Frieda raakt in een sociaal isolement en huilt hartstochtelijk als het weer eens kauwen regent voor haar venster.

zaterdag, maart 17, 2007

Stad vanaf de vijfde: Terra incognita

Nu Frieda bijna een jaar in de flat woont, ontdekt zij een eiland aan de horizon. Onder haar balkon, over de brug, in het water van de Singel ligt een stuk land geheel los van de grassige oever. Verwilderde knotwilgen omsingelen de rand van het eiland, waar verder alleen wat wilde grassen groeien.
.
Land in zicht. Terra incognita.

Omdat Frieda de eerste is die het eiland heeft ontdekt - want: waarom heeft niemand haar daar eerder op gewezen?- noemt zij het Splittereiland. Een ideale plek om in de zomer heen te varen, of met een grote stok op z'n Fries' naar toe te springen. Kortom: een idylle, en dat voor haar raam op de vijfde.

woensdag, maart 14, 2007

Stad vanaf de vijfde: De dingen betrappen

Frieda stond laatst beneden op straat, voor haar flat te wachten bij het zebrapad. Een buurvrouw was thuis, en nog een, verder waren alle ramen zwart. Zij stond daar heel lang en zag haar gordijnen, de staande lamp met groene kap en de zonnebloemen op het balkon.

Die spullen stonden en hingen daar maar de hele dag. Altijd maar dat hangen en dat wachten. Wat deden zij daar eigenlijk? Frieda besloot de dingen en de planten op heterdaad te betrappen en wachtte tot het groen en rood en toen weer groen werd.

Daarna stak ze toch maar over.