donderdag, juli 24, 2014

De trams van Eduard H.

Na de begrafenis van zijn vrouw, op een woensdagmiddag in oktober, besloot Eduard H. zijn verzameling miniatuurtrams naar de woonkamer te verhuizen. Hij schonk het theeservies aan de overbuurvrouw, bracht de streekromans naar de kringloop en zette de porseleinen poppen op zolder. Vanaf nu waren het de Weense paardentram, de tatra’s uit Polen en de gele trams uit Den Haag die hem vanuit de vitrinekast aankeken. Boven de bank schroefde hij bordjes met teksten als ‘niet spreken met de bestuurder’ en ‘wacht tot het sein gedoofd is’.

De kerst die volgde had de mooiste van zijn leven kunnen worden. Van zijn vrouw mocht hij altijd alleen maar een miniatuurbaan onder de kerstboom aanleggen. Maar nu was heel de boom volgehangen met blikken trams, kleine spoorwachtershuisjes en glazen bollen met tramlandschappen. Vanaf de keuken vertrok ieder uur een trammetje via een spoorlijn langs de leuning van de trap naar de badkamer op de eerste etage. Op de achterste wagon had hij een heel klein cadeautje geplakt voor zijn dochter die op Eerste Kerstdag bij hem zou komen eten.

Totdat op kerstavond de bel ging; een trambel die de oude dingdong verving. Een politieagent bracht het vreselijke nieuws. Die middag was de dochter van Eduard H. in de binnenstad van Amsterdam aangereden. Door een tram. De artsen en de zusters hadden niets meer kunnen doen. Eduard H. keek om zich heen en besloot dat hij de trams diezelfde avond nog naar de zolder zou verhuizen.

3 opmerkingen:

anoushka zei

Was de dochter Frieda Splitter?

Frieda Splitter zei

Nee joh! Haar achternaam begint toch niet met een H??

Frieda Splitter zei

Of zal ik er Eduard S. van maken??